dinsdag 8 juni 2010

Dag 9 - zondag 6/6/10 - Llanes - Ribadesella - 30 km

We staan 1 uur later op dan anders, wat een luxe.
In de stad gaan we ontbijten en we zien het ontstaan van bloementapijten in de straten.

Langs het Monasterio San Salvador, de nonnen zitten er met hun witte kappen in de mis te zingen.

Langs de kust tot La Venta, waar we van een culinaire maaltijd genieten. We komen er de twee Finnen tegen uit Rovaniemi.

Aan het kerkje van Pria, in Cuerres drinken we in de bar iets fris. We krijgen er van het huis een gerecht met rijst en vis. Zagen we er dan zo hongerig uit?

We zien de eerste horrio: een gebouwtje waarin maïs hangt te drogen en andere dingen worden opgeslagen. De kilometers lijken langer vandaag...

In Ribadesella is het communiefeest: meisjes in witte jurken, jongens in matrozenpakjes.

Wij nemen een kamer in een pension. Later zien we de Fransman en de Fin, ze zijn verrast dat we ook al hier zijn. In de stad geen internet te vinden, op zondag is veel dicht.

maandag 7 juni 2010

Dag 8 -zaterdag 5/6/10 - San Vicente de la Barquera - Llanes - 42 km

Van de albergue vertrekken we naar Unquera, de laatste kilometers in Cantabrië.Het gaat erg vlot, we trakteren ons op de plaatselijke zoetigheid: torbata.

Via de ethnoliogische weg - ipv langs de kust - gaat het over een dal met lieflijke plaatsen: Tresgrandas, Santa Eulalia de Carranzo en Pie de la Sierra. Troet vindt een mooie wandelstok, hij neemt hem verder mee.

We zijn in Asturië, hier drinken we dus sidra: de appelcider. Hier geen glas, maar ineens een fles, die de barman op spectaculaire wijze uitschenkt: hij plaatst de fles op zijn hoofd, draait zich in rare bochten en giet van hoog op de rand van het glas. Zo mengt zich zuurstof in de drank. Hier worden de restjes van het glas niet opgedronken maar op de grond gegoten.

Komen in Llanes aan, de albergue in een oud station heeft geen plaats meer. We zijn intussen kapot. We nemen dus een kamer in een 3-sterren hotel.

Onze stempel halen we op een bijzondere plaats: de man van de kapel stapt met ons naar zijn schoenwinkel, we mogen kiezen tussen de stempel van St Rochus of die van de camino.

Llanes ligt aan het water, aan de kade liggen betonnen kubussen, die beschilderd zijn. We eten er calameres en Asturiaanse cassoulet.

"Er zal een stok op je weg komen, als je hem het meeste nodig hebt. Neem hem mee, hij lag er op je te wachten."

vrijdag 4 juni 2010

Dag 7 - vrijdag 4/6/10 - Comillas - San Vicente de la Barquera - 12 km

Vorige nacht last gehad van snurkende pelgrims en terug een pijnlijke voet. Vandaag zullen we daarom een korte etappe stappen.

We kiezen voor de alternatieve weg: langs de kust in plaats van langs de voorziene camino. De afstand is dezelfde maar het parcours is vlakker en mooier.

Het is bewolkt en op sommige plekken aan zee waait het. We komen langs het strand aan in San Vicente de la Barquera. Het is weer zachter. We slapen ook hier in de albergue, een aanrader van Don Ernesto. We mogen uitzonderlijk al voor de middag onze bedden kiezen van de hospitalera Sofia.

Dit is de laatste dag in Cantabrië. Morgen gaat het verder naar Asturias.

"De camino is voor sommigen zoals een drug, erg verslavend."

Dag 6 - donderdag 3/6/10 - Camplegno - Comillas - 24 km

Vandaag wordt het heel warm. Het eerste stadje op onze weg is Santillana del Mar, volgens Sartre de mooiste plek van Spanje. Het lijkt het decor wel van "kolonisten", het bordspel.

Verder langs de Ermita San Pedro waar we een paar ooievaars zien. De natuur is nog steeds prachtig. Tegen de middag zijn we in Cocebres. Na een terras met een kop koffie eten we onze picknick in de schaduw van een huisje. Het oude vrouwtje komt een praatje slaan.

Aan de Ermita Santiago drinken we elk een wit wijntje, samen voor 1,20 euro. We komen aan in Comillas, waar we overnachten in de oude gevangenis "La Peña", de huidige albergue. We zien er alweer een aantal bekenden. Hier geen avondmaal of ontbijt, dat doen we in de stad. We gaan ook eens kijken naar de "Capricio", een kleurrijk bouwwerk van Gaudi.

"Niets is mooier of mooist. Alles is mooi." zei iemand op de camino

Dag 5 - woensdag 2/6/10 - Santa Cruz de Bezana - Camplegno - 25 km

Na het ontbijt van 8 uur gaat onze weg verder. Na ruim een uur zijn we in Boo de Pielagos. Daar zijn 3 mogelijkheden: 1) via de spoorwegbrug, wat verboden is, naast de trein stappen, 2) een omweg maken van 7 km of 3) het treintje nemen tot in Mogro. Dat duurt maar enkele minuten. We kiezen voor het veiligste.

Het wordt warmer, we stappen een lange weg langs de toevoerbuizen van de Solvayfabriek. Daarna volgen er toch nog mooie Cantrabische landschappen op weg naar Santillana del Mar.

Enkele kilometers ervoor kiezen we de afslag naar de prive albergue "Arco Iris". Hier is het zeer sober, de madre ontfermt zich over alle pelgrims: de Fransman (van op de trein), de Bask (met blaren) en de Duitser (als laatste en ook met kapotte voeten). We worden er gevoederd met stevige kost.

"Elke morgen opnieuw is er het verlangen naar het nieuwe, nog geheime gebeuren wat de camino die dag zal brengen."

dinsdag 1 juni 2010

Dag 4 - dinsdag 1 juni 2010 - Güemes-Santa Cruz de Bezana - 25 km


We zijn weer op stap. De enkel ziet er goed uit, draag de torbillera (de steunsok).
Om 7:50 uur nemen we afscheid van Don Ernesto en zijn team.

Er zijn 3 mogelijkheden om in Santander te geraken: via de baan, 11 km, niet zo interessant, een tussenweg via Loredo van 13 km en dan de langere versie langs de kust van 15 km, qua natuur en zichten de mooiste keuze. We zouden de middenweg nemen, vanaf Galizano. Bij het vertrek is het nog mistig en op onze weg komen we de jonge Zwitser tegen: hij vertrok aan de Bodensee en doet lange afstanden. We lopen een eindje samen en hierdoor zijn we ook ineens aan de kustweg. Inderdaad mooie zichten op de Cantabrische zee.

We moeten tijdig van het strand wegstappen, want anders volgen we de zandstrook die geen aansluiting geeft op onze boot. De weg is goed aangegeven en we komen net op tijd in Somo om de boot te nemen en zien er de Spaanse pelgrim (met zijn kleine witte poedel) die vorige nacht ook in de albergue verbleef.

Een korte oversteek naar Santander, het is middag en behoorlijk warm. Eerst zoeken we een apotheek en kopen er rozemarijntinctuur (Manu raadde aan om hiermee een voetbad te nemen, afwisselend heel warm en dan kort erg koud). In de kathedraal halen we onze stempel en we branden er een eerste kaarsje. Het is even zoeken en zo komen we er het Australisch koppel tegen dat we enkele dagen geleden leerden kennen.

In de stad gaan we een "menu del dia" eten. We beslissen om niet in Santander te blijven maar nog 10 kilometer verder te stappen tot Santa Cruz de Bezana. Op voorstel van Ernesto wordt hierdoor de etappe van morgen ingekort.

In Santander volgen we de groene boulevards met terrasjes en allerhande winkels. Nadien gaat het over in een drukke baan, langs een industriegebied tot Peñacastillo. Vandaar gaat het langs kleinere wegen naar Santa Cruz de Bezana.

Het pension Nimon verhuurt mooie kamers met badkamer en terras. Het zijn vrienden van Don Ernesto en ze geven een speciale prijs voor pelgrims.

We nemen een deugddoend bad, doen de dagelijkse wasjes en zoeken een plek voor internet.

We zijn hier nu wat verder van de kust, het is een gezellige plaats, straks halen we nog wat proviand en dan eten we dat op ons terras. Het leven van een pelgrim kan ook zalig zijn.

"De fysieke beproevingen op de camino worden ruimschoots gecompenseerd door de spirituele en emotionele verbondenheid met de andere pelgrims op de weg. 's Avonds komt elke pelgrim met zijn verhaal."

maandag 31 mei 2010

Rustdag 2 - maandag 31 mei - Guemes

's Morgens horen we in de verte een hond, of wolf?, huilen. De scheper heeft nog geen jongen, maar dat gaat niet lang meer duren.
We ontbijten met de anderen, zo kunnen we hen zien vertrekken. Het is bewolkt, maar terwijl ik dit schrijf is de zon er al volop.

Rustdag 2 (het lijkt al veel langer), Ernesto komt regelmatig naar de toestand informeren en blijft herhalen dat geduld nodig is. Dat zal wel, hierna komen nog zware etappes. De vertrekkende pelgrims troosten me met de woorden dat dit een warme plek is, sommigen hebben warempel spijt dat ze verder moeten.

Troet heeft het met Ernesto over het organisch afval, dat hier bij restafval gaat. Niet naar de kippen, nergens een composthoop te bespeuren. Dat kan hij als compostmeester, op weg naar Compostela nog wel, toch moeilijk laten gebeuren. Hier is nog veel werk op dat vlak.
Ernesto heeft ook veel aandacht voor het ecologische aspect van de camino. Zo vernamen we dat de eucalyptus een snelgroeier is die voor papier wordt aangeplant, de eigen soorten verdringt, de humuslaag aantast en teveel water uit de grond haalt. Op lange termijn is het nefast voor het milieu. Maar voor geldgewin telt het eigen nu.

Troet doet een wandelingetje: hij neemt de weg naar Santander, tot Somo en helemaal terug. 25 km in 4 uur! Ondertussen heb ik gerust, in de volle zon op het grasveld aan de albergue.


Manu is er al om 16.40 uur voor een volgende behandeling. Hij kijkt tevreden, de ontsteking is minder, hij masseert nog eens de hele voet, ook met arnica en dan een nieuwe wikkel met klei. We halen er even een Tsjechische vrouw bij, die vertaalt van Spaans naar Frans en Duits. We willen goed verstaan wat er nu nog moet gebeuren. Deze kleiwikkel minstens 3 uur en liefst tot morgen op de voet laten, afwisselend baden met warm water en heel koud (maar kort). Het belangrijkste is een Tobillera dragen, een soort kous die de voet goed steunt. We horen het goed: er mag verder gestapt worden! Liefst kleine etappes van hoogstens 20 km. Meer moet dat niet zijn. Dit is goed nieuws.

De Zwitserse man rijdt ons naar de apotheek van Maruelo en daar vinden we zo een sok. In de herberg zijn ondertussen nog een aantal pelgrims bijgekomen, het is minder druk dan de vorige dagen.

Straks doet Ernesto weer zijn verhaal voor de gasten van vandaag. Daarna is er weer pelgrimseten. Als alles goed gaat, zijn we morgen weer op stap. We houden jullie op de hoogte.